2.3. De GNOME-desktop verkennen

2.3.1. Bureaublad

Na het inloggen komt de gebruiker standaard in de GNOME-omgeving terecht. Dit is een grafische interface die zowel de beginnende als de ervaren gebruiker heel wat mogelijkheden biedt.

Het valt direct op dat er geen iconen op het bureaublad staan. Netjes staat mooi. Daarom zijn alle applicaties terug te vinden in het het menu ‘Toepassingen’ (9-punt-icoon) van de activiteiten. Dialoogvensters voor USB-toestellen (draagbare MP3-spelers, digitale camera’s, enz.) verschijnen automatisch als deze ingeplugd worden. Dit is standaard voor de Debian-GNOMEdesktop. Dit is de standaardinstelling maar met een paar tweaks kun je manueel een computer-, thuis- of/en prullenbakicoon op het bureaublad plaatsen (zie: tips).

2.3.2. Paneel

../_images/gnome-desktop-paneel-zoom.png

Op het eerste zicht is er niet veel te zien: een donker paneel bovenaan en een leeg bureaublad. Het paneel vormt het startpunt voor elke verdere interactie:

Activiteiten: heel complex menu: zie onder.

Klok: niet enkel om de dag en tijd te zien of in te stellen maar ook om snel naar je agenda door te klikken.

Systeemmenu: Dit is een geïntegreerd menu waar verschillende systeemgebonden instellingen mogelijk zijn: aanpassen van geluidsniveau, helderheid (bij laptop), netwerkinstellingen (bekabeld, draadloos, vliegtuigstand), en vergrendelen / afmelden / uitschakelknoppen.

2.3.3. Activiteiten

Activiteiten activeer je door links boven in het scherm je cursor te plaatsen op ‘activiteiten’ in het paneel. De hotspot licht op en het scherm verandert. Gebruik je liever het toetsenbord? De windows- of Supertoets (linksonder het toetsenbord, tussen Ctrl en Alt) doet hetzelfde. Als je activiteiten activeert, krijg je eerst Vensters-overzicht te zien. Dit omvat echter reeds meerdere extra’s. Zo kun je heel snel:

Via de dash (1) (vrije Nederlandstalige vertaling: favorietenbalk) een icoon aanklikken om een ‘favoriete’ toepassing op te starten. Standaard voegt Debian daar reeds enkele applicaties in. Je kan echter zelf je eigen favorieten toevoegen. Klik in ‘toepassingen ’ op je toepassing en sleep ze naar de zijbalk. Niet tevreden en wil je ze uit de favorieten verwijderen: met de rechtermuisklik kun de optie ‘uit favorieten verwijderen’ aanvinken.

Nog een tip: klik je met de middenmuisknop op een icoon dan opent deze zich in een nieuw venster.

Een overzicht van de geopende vensters (2). Je kan hierdoor snel een venster selecteren door die aan te klikken. Als je met de muis beweegt over een venster dan verschijnt in de rechterhoek boven dit venster een sluitknop.

Aan de rechterkant van het scherm zie je een overzicht van de verschillende virtuele werkbladen (3). Deze worden dynamisch aangemaakt. Je kan een virtuele werkblad aanklikken of je kan applicaties van het ene naar een ander virtueel werkblad slepen. Elk virtueel bureaublad is een exacte ‘kopie’ van uw werkelijke bureaublad, dus inclusief startknop, taakbalk en snelkoppelingen. Op elk virtueel bureaublad kunt u programma’s openen die dan op de andere virtuele bureaubladen niet open staan. Daarmee worden deze virtuele bureaubladen het ideale hulpmiddel om uw werkomgeving netjes opgeruimd en overzichtelijk te houden. Via de toetsencombinatie Ctrl + Alt + pijl boven/onder kan je makkelijk tussen de virtuele bureaubladen wisselen.

Direct beginnen typen: de zoekfunctie (4) wordt opgestart en - afhankelijk van de geïnstalleerde diensten- zal je een overzicht krijgen van applicaties, trefwoorden, documenten, enz.

Klik je op de knop ‘Toepassingen’ (5) dan verschijnt een overzicht van alle geïnstalleerde (grafische) software. Deze is standaard je favoriete / meest gebruikte software. Wil je alle software zien? Klik dan op alles. Dit bevat meerdere ‘pagina’s’. Je kan door dit overzicht scrollen.

Hint

Verschillende wijzen om een programma op te starten

1 ga naar het toepassingenvenster en selecteer hier je toepassing

2 als je de naam kent: typ direct de naam in. De zoekopdracht levert je heel snel een klikbaar icoon op.

3 voeg je toepassing toe aan je favoriete applicaties in de dash om ze supersnel op te starten.

2.3.3.1. Klok

De klok is niet enkel handig om de tijd te zien. Dubbelklik je op deze dan opent zich een maandoverzicht aangevuld met een dagplanning.

Je kan ook Agenda openen om afspraken te plannen. De agenda is een extern programma: dit is evolution het standaard GNOME-mail en kalenderprogramma.

Met Klok openen open je de applicatie GNOME-clocks (wekker, timer, stopwatch en wereldklok).

Er is ook een knop voorzien om datum en tijd aan te passen. Dit opent de systeeminstellingen.

2.3.3.2. Statusmenu

Het statusmenu zit uiterst rechts. Deze bevat enkele nuttige onderverdelingen:

  • Hardware aanpassen: geluid en helderheid scherm.
  • Netwerkinstellingen: overzicht van de aanwezige netwerkverbindingen: kabel, draadloos, vliegtuigstand. Je kan ook de aanwezige draadloze connecties zien als je verder uitklapt en je vindt er ook een knop om de instellingen te wijzigen.
  • Gebruiker: uitklappen om af te melden of te schakelen naar andere gebruikers scherm
  • Knop naar configuratie-instellingen (zie ), vergrendelen en afsluiten.

Dit statusmenu wordt dynamisch aangepast aan de gevonden hardware, netwerken en software.

2.3.4. Vensters

Venstersmenu’s zijn niet standaard ingedeeld. Per GNOME-programma kunnen ze er verschillend uitzien, afhankelijk van de noden van het programma. Er is echter in de verscheidenheid een heel algemene lijn te trekken (dat ook voorgeschreven wordt door de GNOME Interface Guidelines [1]_).

  • De sluitknop bevindt zich helemaal rechts.
  • Optie-menu is direct naast de sluitknop. Bedoeling van dit optie-menu is om een grote hoeveelheid knoppen in 1 onder te brengen.
  • Naast de optie-menu komen knoppen die veel gebruikte functies in een bepaald programma toegankelijk maken. Typisch is bijvoorbeeld een opslaan-knop voor gedit-teksteditor of een weergave-knop voor de documentviewer.

Programma’s hebben naast een eigen menu-balk ook een Applicatiemenu dat verschijnt in het paneel. Applicatiemenu is verplicht voor elke GNOME-toepassing en voorziet in globale, ‘high-level’ acties en configuratie-instellingen voor het programma. Ook moet hier de hulp- en info over de applicatie zijn opgenomen.

Ook hier: afhankelijk van je programma krijg je heel veel of weinig te zien in dit menu.

venster1 venster2
GNOME applicatiemenu rechtermuisknop op een venster

Dubbelklikken op de menubalk van een geopende toepassing maximaliseert deze. Nogmaals dubbelklikken brengt ze terug naar de vorige grootte. Zijn er meerdere vensters geopend dan kun je door met de middelmuisknop op de titelbalk te klikken, dit venster naar achteren brengen zodat de achterste vensters nu op de voorgrond staan. Met de rechtermuisknop op de titelbalk klikken, opent een dialoogvenster waarin meerdere opties mogelijk zijn. Heel handig is de optie ‘altijd voorop’.

Vensters kun je ook laten ‘snappen’. Neem een venster met de muis vast bij de titelbalk, sleep deze naar boven: het venster maximaliseert zich. Sleep het venster naar link of rechts: het venster neemt de helft van het bureaublad in.

Naast een overzicht via activiteiten kun je ook via gemakkelijk een applicatie selecteren. Deze methode heeft als voordeel dat als een toepassing meerdere vensters heeft geopend, deze gebundeld worden.

Vensters kan je ook naar andere virtuele desktops plaatsen door op de titelbalk met de rechtermuisknop te klikken en dan ‘naar een ander werkblad verplaatsen’ selecteren. Het gaat echter sneller als je via de mini-pager aan de rechterkant van activiteiten / Vensters, de voorstellingen van de vensters van het ene naar het andere werkblad versleept.

2.3.5. Correct uitloggen

Correct uitloggen is een must in . Dit kan je via het statusmenu. Je kan uitloggen en dan kom je terecht in de inlogmanager GDM3. Van hieruit kun je dan rechtsboven de afsluitknop selecteren. Wil je de pc volledig afsluiten? Gebruik de power-off knop in het statusmenu.

2.3.6. GDM3: Gnome Display Manager

Het is mogelijk om automatisch in te loggen bij het opstarten van het systeem (later meer hierover). Standaard echter is dit in Debian niet geactiveerd.

Je komt dus bij aanvang terecht in het GDM-inlogscherm.

  • Stap 1: Je selecteert je gebruiker,
  • Stap 2: een tweede scherm verschijnt: hier geef je je paswoord in.
gdm3-1 gdm3-2
GNOME klassiek kiezen via het radar-icoon. geluid, netwerk aanpassen, pc uitschakelen

Er zijn echter meer mogelijkheden: Zo is het mogelijk om in het bovenpaneel de assisterende technologieën te activeren. Dit zijn hulpmiddelen voor mensen met beperkingen: hoger contrast, voorleesstem, on-screen toetsenbord, enz. Ook is het mogelijk om via opties in het bovenpaneel taal, geluid en netwerk aan te passen. Uitschakelen vanuit het inlogscherm is ook hier voorzien. Bij stap 2 kun je afhankelijk of je meerdere softwarepakketten hebt geïnstalleerd een andere desktop dan GNOME kiezen of gaan voor GNOME-klassiek.

2.3.6.1. GNOME klassiek

GNOME3 werd ontworpen met de evidentie dat de grafische kaart ‘modern’ is en vlot overweg kan met 3D-effecten. Als uw grafische kaart bepaalde functies niet ondersteunt, zal een meer basic-versie van de desktop worden weergegeven. Dit is de zogenaamde klassieke-modus, en het laat je toe om GNOME te gebruiken op uw computer zonder een aantal van de meer visuele functies.

De meeste van de functies die ontbreken in klassieke modus zijn gerelateerd aan het organiseren van vensters en het starten van toepassingen. Bijvoorbeeld, in plaats van een activiteitenoverzicht te hebben, heb je een menu Toepassingen op de bovenkant van het scherm. De lijst met geopende vensters is onderaan het scherm. Opstarten in klassieke modus heeft geen invloed op de toepassingen die u kunt uitvoeren - het verandert alleen de manier waarop het bureaublad eruit ziet.

De klassieke modus hoeft niet te betekenen dat uw grafische kaart niet goed genoeg is om GNOME op te starten - het kan ook betekenen dat je niet over de juiste stuurprogramma’s beschikt voor je grafische kaart. | Vind je deze klassieke modus handiger dan de standaardversie van GNOME: je kan deze selecteren bij het inloggen.